Mijn weg naar paardencoaching

Gepubliceerd op 18 december 2025 om 09:17

Mijn Verhaal – Waarom Ik Paardencoach Werd

Soms weet je pas achteraf waarom iets altijd zo’n grote plek in je leven innam. Voor mij waren dat de paarden. Lange tijd zonder dat ik het volledig begreep, maar nu weet ik: zij waren het anker dat mij telkens terugbracht naar mezelf. In dit blog neem ik je mee in mijn weg, niet omdat mijn verhaal uniek is, maar omdat het misschien iets raakt in dat van jou.

 

Paarden hebben mij niet ‘genezen’. Ze hebben mij iets veel belangrijkers geleerd: luisteren. Naar mijn lichaam. Naar mijn grenzen. Naar wat er werkelijk speelt, onder het masker van doorgaan en sterk zijn. Dat is de basis van mijn werk als paardencoach.

Die basis is niet ontstaan uit ambitie of een helder plan. Ze is ontstaan uit noodzaak.

 

Een aantal jaar geleden stortte ik voor de derde keer in mijn leven in. Niet plotseling, niet zichtbaar voor de buitenwereld, maar langzaam en onontkoombaar. Na jarenlang doorploeteren kreeg ik diagnoses die op papier zwaar klinken: PTSS, depressie, angst- en paniekstoornissen. Later kwam daar ADHD bij. Geen losse puzzelstukjes, maar een samenhangend geheel. Onverwerkt trauma en een hoofd dat altijd ‘aan’ staat bleken samen een uitputtende combinatie.

 

En toch zag je dat niet aan mij.

 

Ik was vrolijk. Sociaal. Altijd onder de mensen. Ik hield van gezelligheid, van leven, van prikkels. Misschien wel te veel. Waar sommige mensen zich terugtrekken als het moeilijk wordt, ging ik juist harder lopen. Overcompenseren. Overschreeuwen. Altijd meer willen. Terwijl ik dit nu opschrijf, voel ik nog steeds hoe dat was, dat constante, zware gevoel in mijn maag.

 

Mijn leven bestond uit ‘aan’ staan. Altijd op zoek naar de volgende impuls. Verdoven met wat er maar beschikbaar was: werk, eten, middelen, bezig zijn. Het maakte me niet uit wat, als het me maar even weghield van voelen. Ik zeg vaak: ik was niet verslaafd aan één middel of één gedrag. Ik was verslaafd aan verdoving en dopamine tegelijk.

 

Jarenlang hield ik dit vol. Met ups en downs. Maar dit was geen leven. Dit was overleven.

 

Er was één plek waar ik wél kon stoppen. Waar mijn lichaam, en vooral mijn hoofd, tot rust kwam. Bij de paarden.

 

Voor mij waren paarden geen hobby. Ze waren een anker. Een manier om oké te blijven. Als ik eerlijk ben: ik weet niet hoe het met mij was afgelopen zonder hen. En toen de paarden op een gegeven moment helemaal uit mijn leven verdwenen, ging het ook daadwerkelijk mis. Ik had geen rem meer. Geen verantwoordelijkheid om naar buiten te gaan, om te zorgen. En blijkbaar was ik zelf niet genoeg om dat toen voor mezelf te doen.

 

Drie jaar voordat ik echt uitviel, wist ik het al: dit moet stoppen. Niet een beetje. Echt stoppen. Maar hoe?

 

Ik zat vast in een huwelijk waarin verdoving en weglopen van pijn normaal was. Ik had een omgeving om me heen verzameld die dat leven bevestigde. Veranderen betekende afscheid nemen. Van mijn huwelijk. Van mensen. Van een manier van leven die me ooit hielp overleven, maar me ondertussen langzaam afbrak.

 

En toen kwam het leven zelf.

 

Mijn vader kreeg voor de derde keer een hersenbloeding. Dit keer was het ernstig. Hij werd met een ambulance opgehaald bij mijn ouders thuis, achteraf de laatste keer dat hij daar is geweest. Na weken ziekenhuis en maanden revalidatie werd duidelijk dat hij niet meer zou herstellen. We moesten op zoek naar een verpleeghuis.

 

Tegelijkertijd werd mijn moeder ernstig ziek. Acute bloedingen, hevige buikpijn. Er werd een grote tumor gevonden. De week waarin zij de uitslag zou krijgen, was de week waarin ik eigenlijk op vakantie zou zijn. Die reis zegden we af. En precies in die week overleed mijn vader, vrij plotseling.

 

Tien dagen na zijn crematie onderging mijn moeder een zware buikoperatie. Ik functioneerde. Ik regelde. Ik hield alles draaiende. Overleven kende ik inmiddels goed.

 

Met mijn moeder liep het gelukkig goed af. De tumor bleek goedaardig en zij herstelde volledig. Maar het overlijden van mijn vader was voor mij een onomkeerbaar keerpunt.

 

In mijn rouw werd pijnlijk duidelijk hoe ongezond mijn fundament was. Hoe ver ik verwijderd was geraakt van mezelf. Ik leefde niet vanuit verbinding, maar vanuit verdoving. Niet vanuit rust, maar vanuit overleven.

 

Ik had hulp nodig.

 

En langzaam, heel langzaam, begon ik weer te luisteren. Niet via mijn hoofd, want dat had het allang niet meer voor het zeggen. Maar via mijn lichaam. En steeds opnieuw waren daar de paarden. Niet om mij te redden. Wel om mij te spiegelen. Zonder oordeel. Zonder woorden. Ze lieten me voelen wat ik jarenlang had weggeduwd.

 

Bij paarden kon ik niet vluchten. Niet verklaren. Niet presteren. Alleen aanwezig zijn.

 

Dat is waar mijn weg naar paardencoaching begon.

 

Niet omdat ik ‘het weet’. Maar omdat ik het heb geleefd. Omdat ik aan den lijve heb ervaren hoe het is als hoofd en lijf elkaar kwijtraken, en hoe helend het kan zijn als een paard je terugbrengt naar wat er werkelijk speelt.

 

Vandaag begeleid ik anderen in datzelfde proces. Zacht, eerlijk en in het tempo dat nodig is. Niet om te fixen, maar om te voelen. Niet om antwoorden te geven, maar om ruimte te maken.

 

Paarden zijn daarin mijn co-coaches. Ze brengen je terug naar jezelf. Precies daar waar verandering begint.

 

Voel je tijdens het lezen herkenning? Misschien merk je dat je veel ‘aan’ staat, dat je vooral functioneert, of dat je hoofd en lichaam elkaar niet meer echt lijken te begrijpen. In mijn werk als paardencoach nodig ik je uit om te vertragen, te voelen en weer contact te maken met jezelf, in aanwezigheid van paarden die niets van je vragen, behalve eerlijkheid.

Je hoeft het niet alleen te doen. Je bent welkom, precies zoals je nu bent.

 

Marlous Kluijver | Guided By Horses